Hondje Afrika - reislog over afrikaHiiiiiijaaaa.... we gaan naar Afrika!
29-09-2007 :: Gambia, de kliniek
Aantal kilometers gereden:

Aantal dagen onderweg: 97

Aantal Afrikaanse landen bezocht: 4

Gambia, het kleinste land van West Afrika, ongeveer 25 kilometer breed en 400 kilometer lang. Ook is Gambia het eerste land wat we tegen komen waar engels de eerste taal is in plaats van Frans. We zijn nu in donker Afrika, wat compleet anders is dan Marokko en Mauritanië. Vrouwen dragen hier kleurrijke jurken met mooie doeken op hun hoofd en het is hier groen omdat we aan het einde van (een heftig) het regenseizoen zitten.

In Gambia hebben Frans en Gabrielle, die we in Senegal hebben leren kennen, besloten zich voorlopig te settelen. Dit hebben ze gedaan door hun eigen paradijsje te kopen, een stuk grond van 2,5 hectare grenzend aan de mangroves met meer dan 100 palmbomen, mango- en cashewbomen. Hier zijn ze van plan hun eigen huisje te bouwen.

Daarnaast willen ze wat goeds doen voor het land en zijn daarom aan het proberen een kliniek in hun gebied weer te laten draaien. Gabrielle kan hierbij gebruik maken van haar verpleegsteropleiding. Een kliniek laten draaien in Afrika is geen makkelijke opgave. De kliniek is afhankelijk van donaties en sponsering. De mensen die er komen hebben zijn erg arm, toch moeten zij een klein bedrag betalen aan de kliniek voor behandeling, zodat zij alleen komen als het echt nodig is. Het geld wat de mensen betalen is niet genoeg om medicijnen aan te schaffen, waardoor er vaak een tekort aan medicatie is. En medicatie is zeker nodig hier, vooral voor het bestijden van malaria bij kleine kinderen en volwassenen.

Een dag meedraaien op de kliniek was een bijzondere ervaring. Mensen komen vanuit de gehele regio naar de kliniek en moeten hier soms een heel eind voor lopen. De meeste gevallen die deze dag behandeld zijn, zijn kinderen met malaria, dit is een van de grootste doodsoorzaken in deze regio. De mensen die deze kliniek draaiende proberen te houden verdienen niets anders dan respect, zij moeten met beperkte middelen de problemen waar de mensen mee komen oplossen.

Om hier een voorbeeld van te geven, op deze dag begon het buiten ineens hard te regenen, waardoor de luiken van de kliniek dicht moesten, omdat er geen ramen in de kozijnen zitten. Vervolgens was het donker in de kliniek en was er maar 1 spaarlampje beschikbaar was moest alles onder dit lampje gebeuren. Toch is dit al een verbetering, aangezien de kliniek 2 accu’s vanuit sponsering heeft gekregen, voorheen werden vele kinderen gebaart bij kaarslicht.

Onder de bevolking heerst een grote mate aan bijgelovigheid. Zo geloven zij bijvoorbeeld dat een kameleon en een slang ongeluk brengt en als je ze aanraakt, je daar zelfs dood aan gaat. Sandra, een van de verpleegsters die in de kliniek werkt, vangt bij haar huis ook gewonde dieren op, toen de bewoners zagen dat zij een kameleon aanraakte, vluchtte ze allemaal weg, omdat ze bang waren dat Sandra ging sterven. Dit was natuurlijk niet het geval, nu gelooft de bevolking dat Sandra magische krachten heeft.

Ook zie je dat de mensen en baby’s hier veel amuletten dragen, deze brengen hun geluk of beschermen hen tegen het kwaad.

Om een beter beeld te geven van de kliniek heb ik hieronder een stuk getypt uit de presentatie die Gabrielle heeft gemaakt. Wil je meer informatie kun je Frans en Gabrielle mailen, ook kan ik je eventueel de complete presentatie toe mailen:


Al jaren was het onze droom om een grote reis door Afrika te maken in een tot  camper omgebouwde vrachtauto. Een reis welke wij in augustus 2006 zijn gestart.
(www.notrechameau.com)
Wij wisten, omdat we vanuit ons beroep beiden zeer intensief betrokken zijn geweest bij mensen, dat we ooit ergens zouden ‘’landen’’ om hulp te bieden aan mensen die het hard nodig hebben. Om die reden heeft Gabriëlle, die verpleegkundige is, een tropenopleiding gevolgd voor we op reis gingen.
Eerder dan we beiden hadden vermoed kwamen we deze ‘’landingsbaan’’  tegen in een klein dorpje in Gambia, Kubuneh genaamd. We waren na 9 maanden rondgetrokken te hebben, eigenlijk een beetje reismoe en aan het rondkijken naar een plek waar we een maand of zo konden blijven om alle opgedane indrukken te verwerken.
Op onze weg troffen we de zeer betrokken Engelse gepensioneerde verpleegster Sandra, die sinds een maand of 4 het Community Health Center van negen dorpen opnieuw geopend had.

De 9 dorpen die het kliniekje ondersteund liggen in dit zelfde gebied verspreid
Voor veel mensen betekent dit, dat ze soms een halve dag moeten lopen voor ze geholpen kunnen worden. Lokaal transport middels bushtaxi’s is beperkt en ook voor  veel mensen niet te betalen.  

In The Gambia is de gezondheidszorg zeer slecht. Er is een groot tekort aan goed opgeleid medisch personeel. Er zijn 2 grotere ziekenhuizen. 1 in Banjul en 1 in Farrafenni. Er zijn totaal 66 artsen (ongeveer 1 arts per 25.000 personen). Verder zijn er een aantal particuliere klinieken die voor het grootste deel van de bevolking niet te betalen is. Deze zijn ook met name in de toeristenstreek aan de kust te vinden.
Officieel zou er voor een artsenbezoek 16 dalasi (= ongeveer 45 euro cent) per persoon betaald moeten worden, maar artsen berekenen toch meer, omdat ze een zeer slecht salaris hebben. Vaak schrijven ze medicatie uit eigen apotheek voor om extra inkomen te hebben.
Alle medicijnen moeten geïmporteerd worden. Hierdoor is er een groot tekort aan de meest essentiële medicatie.
Er is geen collectieve volksverzekering om de kosten voor de gezondheidszorg te dekken.
De grootste doodsoorzaken zijn Malaria, Bilharziose, Tuberculose en toenemend Aids. De mensen met malaria, die het zich kunnen veroorloven, worden behandeld met Chloroquine. Een product waar de malariaparasiet al grotendeels resistent voor is. Andere producten zijn slecht te krijgen of te duur.
Gezien de slechte infrastructuur is de gezondheidszorg nauwelijks toegankelijk voor de meeste mensen. Ondanks een door de president ingesteld ontwikkelingsprogramma, ziet het er naar uit dat er geen snelle verbetering te zien

De patiënten die de kliniek bezoeken bestaan voornamelijk uit kinderen onder de 5 jaar(50%), vrouwen(30%) en mannen (20%).
De grootste gezondheidsproblemen in deze streek zijn: 
  • Malaria (grootste doodsoorzaak),
  • Diaree en dysenterie welke duizenden mensen elk jaar dood, samen met longontsteking. Vooral ondervoede kinderen zijn hier slachtoffer van.
  • Alle kinderziektes komen voor omdat er geen goede vaccinatie programma’s of vaccins beschikbaar zijn. Aan mazelen sterven veel kinderen. Doordat de kliniek geen koelkast kan inschakelen is het niet mogelijk om vaccins goed te houden. Je ziet veel slachtoffers die gehandicapt zijn geraakt t.g.v. polio.
  • Een cholera epidemie is geen uitzondering. Hierbij sterven ook veel mensen.
  • Anthrax (vanuit besmet vee). Te bedenken dat dit virus grote angsten heeft veroorzaakt in Amerika na 11/11, toen een aantal postbodes door besmette enveloppen zijn gedood. Het vaccin hiertegen is hierdoor aan banden gelegd en zeker niet in Gambia te krijgen. 
  • TBC, echter niet in extreem grote aantallen.
  • Lepra, echter niet in extreem grote aantallen.
  • Rivierblindheid. Ook veel andere oogaandoeningen t.g.v van ooginfecties komen voor. Veel mensen raken blind of slechtziend door cataract (staar) en onbehandelde glaucoom (verhoogde oogboldruk).
  • Aids begint ook hier toe te slaan door rondtrekkende vluchtelingen uit onrustige omliggende Afrikaanse landen. Verder komen de andere seksueel overdraagbare infecties erg veel voor t.g.v  polygame huwelijken en niet al te trouwe mannen.
  • Grote geïnfecteerde wonden t.g.v. hak - en snij wonden tijdens brandhout verzamelen en oogsten. Kleine wonden worden afschuwelijke infecties in de tropen.
  • Slangenbeten. Vaak  slaan deze toe tijdens het regenseizoen bij het oogsten van rijst. Er zijn in Gambia 4 soorten giftige slangen die fataal kunnen zijn. In heel Gambia is geen antigif hiertegen te krijgen.
  • Veel bacteriële- , schimmel huidinfecties, eczeem en  worminfecties t.g.v. minder goede hygiënische omstandigheden.
UW BIJDRAGE?

Zonder een structurele geldstroom voor medicijnen en andere middelen redden we het niet, want onze menskracht alleen is uiteraard niet voldoende. Wij hebben daarom een speciale bankrekening geopend bij de Rabobank in Nederland, omdat het overmaken van geld naar Gambia enigszins gecompliceerd is.

Gelet op de noden van de kliniek zijn wij blij met iedere bijdrage!
Storten kan op bankrekeningnummer: 11.02.31.252
IBANNr: NL48RABO 0110231252. BIC-code: RABONL2U
van de Rabobank te Valkenswaard en Waalre, t.n.v.
F.J. Sak e/o G.L.C. Sak-Stolwijk vermelding Caring Hands Health Center.

Voor alle andere middelen kun je ons mailen op gabrielle.en.frans@hotmail.com Het kan even duren voor we reageren, want in de directe omgeving  van het kliniekje is geen internet mogelijkheid.

Bij dit goede doel, weet je zeker dat je geld op een goede plek terecht komt!






29-09-2007 :: Gambia, Het schooltje
Aantal km gereden: 11526

Aantal dagen onderweg: 97

Aantal Afrikaanse landen bezocht: 4
Wonen in een dorp in Gambia is niet zoals in Nederland, je moet met een aantal zaken rekening houden. De mensen zijn hier erg openlijk en sociaal, dus als je hen voorbij rijdt zonder te groeten, voelen ze zich beledigd, als je dus ergens naar toe moet, moet je zeker een half uur voordat je er moet zijn vertrekken, omdat je tijd nodig hebt om praatjes te maken.  Als je kookt, mag je het water niet op de grond afgieten, want daaraan zouden de voorouderen zich kunnen branden (we moeten dus rekening houden met hun bijgeloof) Als je het dorp bezoekt, moet je altijd even bij de chief van het dorp langs gaan, anders voelt hij zich beledigt of voorbij gelopen.
De chief bezoeken, dit heb ik dan ook met Gabrielle gedaan. De chief vond mij een goede vrouw voor zijn zoon en meteen werd geregeld of ik niet aan hem uitgehuwelijkt zou kunnen worden……nou, even denken, NEE! I already have a husband!

Daarnaast heb ik het schooltje bezocht. Het schooltje is een stenen gebouw, dat is luxe voor deze omgeving. Maar tijdens het regenseizoen zijn er enkele platen van het dak verdwenen, dus het klasje krijgt nu half in de open lucht les.

Nou ja, les, er is geen materiaal, de docenten die lesgeven zijn vrijwilligers uit het dorp, maar zijn niet opgeleid tot docent. De vrijwillige vrouwen hebben jonge kinderen, die zij tijdens het les geven gewoon aan de borst voeden in de klas. De school wordt bezocht door kinderen van 3 tot ongeveer 9 jaar en zij krijgen allen in hetzelfde lokaal les en leren dus dezelfde dingen. In een klasje zitten op een drukke dag zo’n 75 kinderen. Zij zitten zij aan zij op de kleine schoolbankjes.

Er is geen duidelijke structuur in de dag, niet zoals in Nederland, eerst gaan we rekenen, dan gaan we……De dag laat zich leiden zoals die voorvalt en vandaag was er een toubab in de klas! Dat is heel speciaal en de kinderen zaten dan ook aandacht te kijken welke bewegingen ik maakte.

Ik had een wereldkaart bij om de kinderen te laten zien waar zij wonen en waar wij wonen. De meeste kinderen hadden nog nooit een wereldkaart gezien, maar vonden het erg interessant. De kinderen waren erg enthousiast toen ik ze een paar Nederlandse woordjes en natuurlijk een Nederlands kinderliedje leerde. Na ongeveer 1,5 uur les mochten de kinderen de rest van de ochtend buitenspelen.

Buiten was ik ook een interessant object en de kinderen wilden graag aan mijn huid en vooral aan mijn haar voelen (hier hebben ze allemaal zwarte kroes). Toen ik ook nog voordeed hoe we een spelletje konden spelen, was het hek helemaal van de dam en had ik alleen nog maar lachende en gillende kinderen om me heen!

Op zo’n moment wordt je geconfronteerd met wat wij allemaal WEL hebben in Nederland en welke kansen wij krijgen. Bij ons is onderwijs verplicht, hier moeten ze blij zijn als er een schooltje is en moeten ze proberen zonder enig materiaal de kinderen iets bij te brengen. De schriftjes, pennen en kleurpotloden die ik mee had genomen zijn hier dan ook heel goed op zijn plaats!

Toch zijn de kinderen hier vrolijk, zien er gelukkig uit, zijn tevreden met kleine dingen (zien we dat nog in Nederland?) en leren snel op eigen benen staan.






25-09-2007 :: Senegal 1
Aantal kilometers gereden: 11491

Aantal dagen onderweg: 93

Aantal Afrikaanse landen bezocht: 4

 

Moesten we in Mauritanië en de Westelijke Sahara vooral oppassen voor overstekende kamelen, in Senegal moeten we opletten voor overstekende apen/ bavianen, ossen en geiten. Deze beesten blijven gewoon midden op de weg staan, totdat je 10x getoeterd hebt, dan kijken ze je aan met een blik van ‘wat mot je?’ en als je geluk hebt gaan ze aan de kant.

 

Wat opvalt als je door Senegal rijdt is dat het vlak na het regenseizoen ontzettend groen is, ook passeren we veel dorpjes die opgebouwd zijn uit rieten hutjes, vrouwen met een kind op hun rug gebonden en water/was/hout/manden op hun hoofd horen hier ook in het straatbeeld. Het voornaamste vervoersmiddel hier is een paard/ezel met kar, waar heel veel mensen tegelijk op kunnen zitten. Ook krijgen we nu te maken met echte Afrikaanse wegen, dit betekent asfalt met zulke grote gaten erin, dat je beter naast dan op de weg kunt rijden!

 

Op een dag hadden we helemaal genoeg van het rijden en zijn een weggetje ingeslagen, hier kwamen we uit bij een dorpje, waar we mochten overnachten. Dit was erg leuk! We hebben overnacht tussen de rieten hutjes/geiten/kippen midden in het Nationaal Park Du Saloum Delta wat bekend is om zijn mangroves vele rivieren en moerassen. De kinderen in het dorp vonden het erg leuk dat er 2 ‘witte’ mensen in hun dorp logeren en we hadden dan ook de hele middag en avond aanspraak! Ik heb het foto album laten zien wat ik gemaakt heb, maar daarin beelden van Nederland, familie en vrienden, ze hebben hier zeker 2 uur in gebladerd!

 

Als we door dorpjes rijden zwaaien de mensen enthousiast en de kinderen roepen Toubab, Toubab, wat blanke betekend!

 

In het midden van Senegal ligt Gambia, het kleinste west Afrikaanse land. Het is ongeveer 25 a 30 km breed en 400 km lang. Na een week door het noorden van Senegal te hebben gereden, zijn we nu dus in Gambia. De grensovergang Senegal-Gambia viel deze keer mee! Maar vervolgens moet je met de Ferry van Barra naar Banjul, de hoofdstad van Gambia. Op zich lijkt dit een makkelijke manoeuvre, maar schijn bedriegt! Eerst moet de auto op een weegbrug en je koopt je ticket, in Nederland zou je je auto daarna gewoon op de boot kunnen rijden, maar niet in Gambia! Hier moet je eerst onderhandelen met de chef van de boot, want blanke mensen hebben geld dus dat kunnen ze best wat missen, dat is wat veel West Afrikanen denken! Na de grens van Mauritanië hadden we geleerd om niet te snel toe te geven en kwamen we er deze keer redelijk goed van af!

 

In Gambia gaan we Gabrielle en Frans opzoeken, we hebben hen ontmoet in Senegal. Zij hebben een stukje grond gekocht in Gambia en Gabrielle gaat werken in een kliniek in de buurt. Ook hebben zij geregeld dat ik een aantal dagen op een schooltje mee kan draaien wat me erg leuk lijkt! We zullen zien wat Gambia ons nog meer te bieden heeft!




19-09-2007 :: Westelijke Sahara
Aantal km: 10041

Aantal landen in Afrika: 2

Aantal dagen onderweg: 81 dagen

Wij hebben goed nieuws, we hebben namelijk ‘in the middle of nowhere’ gevonden! Het ligt op verschillende plaatsen in de westelijke Sahara en Mauritanië. Hier is heel veel van helemaal niets!

Voordat we richting de westelijke Sahara reden zijn we een dagje naar Marrakesh geweest. Overdag dachten we, nou, wat is er nu zo superspeciaal aan Marrakesh? Maar hier kom je pas ’s avonds achter, als het grote plein in de medina opleeft. Je kunt hier dan slangebezweerders, verhalenvertellers, acrobaten, muziekbandjes en heel veel restaurantjes vinden (die er overdag nog niet stonden) waar je heerlijk kan eten. Ook hebben we in Marrakesh Eric en Nele leren kennen, een Belgisch koppel wat al 17 maanden onderweg was en ons rondje omgekeerd hadden gedaan! Zij hebben ons veel nuttige info gegeven en we hebben een gezellige avond met ze gehad.

Ook al is er weinig in de Sahara, toch is het landschap fascinerend, zoveel ruimte, op sommige stukken heb je variatie; zandduinen, rotsen, plateaus en dorre struiken. Maar er zijn ook grote stukken waar je helmaal niets ziet, zover als je kunt kijken, op een kudde kamelen na, die de weg oversteekt.

Om de paar honderd kilometer kom je af en toe paar huisjes/ tentjes/ hutjes tegen, en dan ineens heb je een ‘grote’ stad, zoals Dahkla, midden in de woestijn. Dakhla ligt op een schiereiland, als je ernaar toe rijdt heb je aan beiden zijdes zee en het waait er ontzettend hard! De weg door de westelijke Sahara ligt langs de kust, hierdoor vallen de temperaturen gelukkig mee en waait er een lekkere zeebries. Ook hebben we nog even naar de Canarische eilanden gezwaaid, want deze liggen langs de kust van de westelijke Sahara.

De Marokkaanse- Mauritanische grens was ook een belevenis op zich. We kwamen te vroeg aan, de grens was nog niet open, hier moesten we 1 uur op wachten. Eerst een stempel voor in het paspoort halen, maar het was megadruk!! Maar met een glimlach en even rustig wachten had ik mijn stempels redelijk snel te pakken en het telefoonnummer van Hassan, de douanier die de paspoorten afstempelden! Daarna autopapieren regelen en jezelf uit laten schrijven door een . Door de drukte duurde dit allemaal erg lang. De grens van Mauritanie binnenkomen was dezelfde procedure, maar deze ging 5x sneller!

Ook kunnen we melden dat onze 1e 10.000 km erop zit! We zijn blij dat Molly ons al zover heeft gebracht, en we hopen dat ze ons nog veel verder zal brengen!




19-09-2007 :: Mauritanie
Mauritanië
Aantal km gereden: 10688

Aantal landen in Afrika: 3

Aantal dagen onderweg: 87 dagen
Als je op de kaart van Mauritanië kijkt, zie je niet veel wegen. Dit komt omdat dit land voor 90% uit woestijn bestaat! Hadden we in de westelijke Sahara nog een beetje variatie in het landschap, in Mauritanië is alleen maar zand, de temperaturen lopen hier zeker op tot 45 graden.

In Mauritanië hebben we een GPS route reden door de woestijn en Nationaal Park D’arguin. Dus van het asfalt af, en de woestijn in! We hebben hier 3 dagen vertoeft en we zijn een hele ervaring rijker, het lijkt echt alsof je dan alleen op de wereld bent.

Toen we terug kwamen op de weg naar Nouakchott, stond er een auto langs de weg met een kapotte versnellingsbak. Midden in de woestijn is geen goede plaats om met stukken te staan! Dus hebben we de mercedes achter Molly gehangen en deze mensen zo nog ruim 200 km opgesleept. (Heb je je trouwens ooit afgevraagd waar alle oude mercedessen uit Europa naar toe gaan? Nou, die rijden dus allemaal in westelijk Afrika rond!)

Nouakchott is de hoofdstad van Mauritanië, deze stad ligt midden in de woestijn en is dan ook stoffig en vies, we hebben hier maar 1 nacht doorgebracht. In Mauritanië ga je echt terug in de tijd, wist je bijvoorbeeld dat de slavernij in Mauritanië pas in 1980 is afgeschaft? En in sommige delen zelfs nog steeds bestaat? Ook hebben ze hier nog een duidelijk kastesysteem waarin de blanke/ licht getinte mensen bovenaan staan en de donkere mensen onderaan. Toch lezen we in de reisgids dat ook Mauritanië zich aan het ontwikkelen is, hopelijk gaat het voor de mensen in Mauritanië dan alleen maar vooruit.

Na 1,5 week door de westelijke Sahara en de woestijn te hebben gereden, hadden we genoeg van hoge temperaturen, hete föhnwinden, zandstormen en het zand, wat werkelijk waar OVERAL in gaat zitten. We besloten daarom meteen door te rijden naar Senegal.

We hadden al veel verhalen over de grensovergang Mauritanië Senegal gehoord, vooral negatieve verhalen. Over Rosso waren de meeste horrorverhalen, dus besloten wij de grensovergang bij Dijama te pakken. Maar hiervoor moesten we eerst 70 km over een modderig weggetje rijden. Bij de grens aangekomen was het al na 18.00 uur, we waren moe en daar hebben de Afrikanen en neus voor! We zijn dan ook ontzettend afgezet bij de grens en hebben veel te veel betaald. Maar dit was een goede leerschool, de volgende keer zullen we ’s ochtends of ’s middags de grensoversteken en de tijd nemen om te onderhandelen aan de grens!

Nu zijn  we in de Zebrabar, dit is een campsite vlakbij St Lois in het noorden van Senegal, dit is een stop voor veel overlanders. Hier hebben we even rust, na dat vele rijden, tijd om het woestijnzand uit Molly te krijgen en andere reizigers te ontmoeten. We hebben hier een Nederlands stel ontmoet wat een stukje land in Gambia heeft gekocht.  Ook kwamen we hier de Duitsers weer tegen die we al verschillende keren tegen zijn gekomen in de Westelijke Sahara en Mauritanië. En in Marokko kwamen we Nele en Eric tegen; die weer mensen kenden die wij ook kenden! Het wereldje van de overlanders is klein!







01-09-2007 :: Marokko 2

Aantal km gereden: 8121
Aantal landen in Afrika: 1

Uhh, schatje, moesten we hier links of rechts?

De medina (het oude stadscentrum) van Fes heeft meer dan 350 steegjes waarin je dus makkelijk kunt verdwalen. Wel is het erg leuk om hier in rond te dwalen, want je ziet van alles! Natuurlijk wordt hier van alles verkocht, je kunt het zo gek niet bedenken, maar ook moet je jezelf regelmatig tegen de muur aan drukken omdat er een partijtje pakezels wil passeren. In steegjes die vaak niet breder zijn dan 1,5 meter of nog minder, valt dit niet altijd mee. Overal wordt je aangesproken of je toch geen gids nodig hebt, maar wij wilden  graag zelf dwalen door de medina en warempel, we zijn na 4 uur dwalen op eigen houtje weer terug bij de auto gekomen!

Na lekker te hebben rondgedwaald in Fes wilden we toch wel eens de beroemde zandduinen in Marokko zien, Erg Chebbi. Dit was vanaf Fes nog wel een flinke rit, waarbij we over het midden-atlas gebergte en over het hoge-atlas gebergte heen reden. Maar dit gaf natuurlijk wel prachtige uitzichten. In dit gedeelte van Marokko zijn de huisjes allemaal opgebouwd uit leem. Prachtig, al moet het niet al te vaak hard regenen, maar dat doet het hier dan ook niet! Alhoewel wij ongeveer 100 km voor de zandduinen in een flinke regenbui terecht kwamen, als het hier regent, regent het ook goed, de straten stonden dan ook meteen blank en auto’s dreigden weg te spoelen….

Erg Chebbi is prachtig, wij hadden wel eens foto’s gezien van zandduinen, maar in het echt zijn ze nog veel mooier. Ze veranderen van kleur naarmate de zon opkomt of ondergaat. De duinen veranderen continu omdat de wind het zand verplaatst. De wind vlakt de duin aan de bovenkant mooi af, zodat je over dat punt makkelijk heen kunt lopen.

Helaas lopen de temperaturen hier ook flink op in deze tijd van het jaar. We hadden al te maken gehad met temperaturen tot ongeveer 45 graden in andere delen van Marokko. Hier werd ons verteld dat de temperaturen oplopen tot 50 graden! Je zult begrijpen dat wij het hier niet lang uithielden en zijn dan ook korter bij de zandduinen geweest dan we eigenlijk wilden. Toch zullen we dit soort extreme temperaturen nog wel meer tegen komen in Afrika, maar 2 dagen 50 graden om te beginnen was meer dan genoeg!

Met overdag zulke hoge temperaturen verander je je dagritme automatisch. Het is s avonds nu vroeg pikkedonker, zo rond 20.00 uur. Vaak liggen we dan ook om 21.30 uur in bed, we zijn dan bekaf van alle indrukken van de dag, om ’s ochtends tussen half 6 en 6 weer op te staan. Op dit tijdstip is de temperatuur nog aangenaam, en heeft zelfs het zand in de zandduinen een aangename temperatuur!

Ook heeft Molly in Merzouga voor het eerst vast gezeten. Op een paar km van de zandduinen is een meer waar veel flamingo’s zitten, het meer is gedeeltelijk opgedroogd, hierdoor lijkt het alsof je eroverheen kunt rijden, maar schijn bedriegt! Zodra we een poging deden zakte Molly in de blubber! Maar nadat we lucht uit de banden hadden gelaten konden we zo weer achteruit rijden gelukkig……….we waren in ieder geval een attractie voor de Marokkanen die rond het meer zwierven!

In veel reisverslagen hadden we gelezen over kinderen die bedelen, dus je zou zeggen dat we hier op voorbereid zouden zijn. Maar dit hadden we niet verwacht, als kinderen ons aan zien komen, rennen ze achter Molly aan en klimmen er soms zelfs op en houden dan stevig vast. Geef me een pen! Geef me een snoepje! Geef me een dirham! We hebben gelezen dat we bedelende kinderen beter niets kunnen geven, omdat hun ouders hun dan van school houden om verder te gaan met bedelen. We hebben dus wel spullen bij om weg te geven, maar zullen dit aan een schooltje geven als we dit tegen komen.

Patrick heeft laatst weer hard moeten werken, we wilden een avontuurlijke route met Molly  gaan rijden. Nou, dat is gelukt, met zwetende handjes en de billetjes tegen elkaar zaten we in de auto. Uiteindelijk moesten we constateren dat de route over een smalle/rotsachtige/ steile weg niet voor onze Molly geschikt was vanwege de laaghangende en wegblokkerende rotsblokken, we vonden een punt waar we net konden keren, met veel moeite, dat heeft zeker een half uur geduurt, maar avontuurlijk was het zeker!

Na de duinen en ons avontuurlijke ritje wilden we graag nog naar Marrakesh, waar we nu dan ook zijn.Hiervoor moesten we opnieuw over het hoge atlas gebergte, maar dit is helemaal niet erg, want tsjonge wat is dat mooi!
Marrakesh ademt een relaxte sfeer uit, we blijven hier tot vanavond omdat het centrum na zonsondergang pas echt op gang komt.

Hierna gaan we ons concentreren op Mauritanie, al is het nog minimaal 1100 km rijden, langs de kust door de westelijke sahara voordat we daar zijn!

Het meest frappante is nog wel dat ons al verschillende malen is gevraagd of we onze Obi willen verkopen! Er werd zelfs aangeboden om Obi te ruilen tegen een schattig meisje van 3 jaar oud……..maar dat was gelukkig toch een grapje!

Ps Het is heerlijk om jullie berichtjes elke keer op de site te lezen!