Hondje Afrika - reislog over afrikaHiiiiiijaaaa.... we gaan naar Afrika!
25-08-2008 :: whalesharks
Aantal kilometers gereden:
 
Aantal dagen onderweg: 1 jaar, 2 maanden, 1 dag

Aantal Afrikaanse landen bezocht: 21

We bevinden ons nu in: Vilanculos, Mozambique


Nu! roept de duikinstructrice. We zetten onze snorkel op en springen zo snel mogelijk van de rubberen boot af. Het volgende moment zwemmen we boven een whaleshark de grootste vis van de oceaan die zo’n 20 meter lang kan worden. Gelukkig eet deze haaiensoort geen mensen maar plankton en is ie geheel ongevaarlijk voor mensen. We vergeten bijna te ademen door onze snorkel en moeten flink flipperen om dit grote gevaarte bij te houden, want als deze 1x slingert met zijn staart ligt hij al ver voor op ons. We proberen de whaleshark dan ook zo lang mogelijk bij te houden en worden daarna weer in het bootje gehesen wat meteen vaart zet want er zijn walvissen gespot. We liggen stil op het punt waar de duikinstructrice ze het laatst zag. Nu is het afwachten, komen ze opnieuw boven? Deze dieren kunnen namelijk een half uur onder water blijven. Opeens schrikken we ons rot, 2 blaasgaten spuiten water hoog de lucht in ongeveer 2 meter van ons rubberen bootje. Ondertussen zijn er nog 2 kleine bootjes gearriveerd en de 2 walvissen zijn supernieuwsgierig naar ons en wij natuurlijk naar hen. De walvissen blijven cirkelen rond de boot, duiken omlaag en komen vlak langs de bootjes weer boven. We genieten zo ruim een half uur van de nieuwsgierige walvissen. Als we weer verder gaan worden we nog meer verrast, zo’n 20 dolfijnen hebben ook zin om te spelen en springen en flipperen vrolijk rond ons bootje, zo dichtbij dat we ze bijna aan kunnen raken. Een zeer bijzondere ervaring deze oceansafari.


Dit alles gebeurd in Tofo, het toeristenplekje van Mozambique. Het toerisme begint zich hier langzaam te ontwikkelen in de vorm van lodges en restaurantjes. Het is dan ook een prachtig plekje. We blijven hier dan ook zo’n 6 dagen hangen en kunnen op deze manier de full moon party meemaken. Feest omdat het volle maan is, aan het strand. Even lijkt het erop dat er helemaal geen volle maan is, de maan wordt namelijk tot 90% verduisterd door de aarde. Het feestvolk staat dan ook allemaal omhoog te kijken naar deze speciale (net niet) maansverduistering. Patrick en ik vermaken ons opperbest op de party, het is lang geleden dat we gestapt hebben. We dansen tot in de late uurtjes op de krakende muziek van de DJ.


Hein en Bernadette hebben gehoord dat Pomene een prachtig verlaten strand heeft. Dat moeten we natuurlijk zelf ontdekken. Op de kaart zien we al dat de weg ernaar toe ruig zal zijn. En ruig is nog beperkt uitgedrukt zal blijken als we op de weg rijden. Ruim 50 kilometer van alleen maar diepe zandpaden, soms breed soms zo smal dat de auto er maar net overheen past, we hobbelen en bobbelen over een weg heen waar jaren geen onderhoud aan is gepleegd. Het enige wat we onderweg zien is af en toe een rieten hutje. Op het gps zien we dat we een schiereiland oprijden maar eigenlijk hebben we geen idee waar we naar op weg zijn.


Tot onze grote verrassing komen we op het einde van het schiereiland een lodge tegen. Die hadden we in dit verlaten gebied wat alleen bereikbaar is met een goede 4x4 en zo ver weg van de bewoonde wereld niet meer verwacht. Hier krijgen we meteen het bountyeiland gevoel, palmbomen wit strand en aan beide kanten zee omdat het einde van het schiereiland maar zo’n 100 meter breed is. De lodge is met simpele dingen tot iets prachtigs omgebouwd en we worden met open armen ontvangen. Na ons geïnstalleerd te hebben op een prachtig kampeerplekje blijkt dat de lodge verschillende activiteiten te bieden heeft waaronder quadbiken.


Dit lijkt ons wel eens leuk en we huren dan ook vier quads. Gezamenlijk scheuren we door de diepe zandsporen en hebben de grootste lol, zeker als Annemarie uit het spoor schiet en een palmboom raakt (tot 2x toe, tsja ze heeft al even niet meer gereden ;-) Patrick sjeest iedereen voorbij en maakt de gekste bewegingen met dat ding. De quadtocht brengt ons naar een oud hotel wat er sinds de oorlog al jaren vervallen bij staat maar gevestigd is op een van de mooiste plekken die we tot nu toe hebben gezien. Het hotel is omringt door palmbomen heeft een prachtig uitzicht op zee en ligt vlakbij een prachtige rotspartij. Als willem en maxima dit plekje hebben opgekocht komen we graag nog eens bij ze op visite als ze het opgeknapt hebben.


In dit gebied wordt ook veel gevist door lokale vissers die hun vangst graag aan ons verkopen. Zo eten we hier weer de heerlijkste vissen waar we de namen nog niet eens van uit kunnen spreken. Maar Patrick leert ook inktvis (calamari) schoon te maken en we eten verse krab die levend in een pan met kokend water verdwijnt. De dagen die we doorbrengen op deze heerlijke plaats worden verder gevuld met lange strandwandelingen, zoeken van schelpen, kanoën en zwemmen in het heerlijke zwembad en in de oceaan. Met het laagtij zwemmen we zelfs een keer naar een onbewoond eiland wat naast het schiereiland ligt, een oversteek van ongeveer 15 minuten. Hier vinden we prachtige schelpen, een groep flamingo’s laat ons tot 20 meter dichtbij komen voordat ze hun prachtige felroze vleugels openslaan en weg vliegen.


Obi vermaakt zich ook opperbest met het vangen van kleine krabbetjes. Gelukkig voor Obi zijn de krabben sneller dan Obi want deze wil ze niet in haar neus hebben hangen! Ook hoeven we geen hondenkoekjes meer te kopen voor Obi. We breken gewoon een verse kokosnoot en bij de aanblik van een wit stukje kokos wordt onze Obi helemaal wild, het is haar favoriete lekkernij op het moment. Verder vermaakt ze zich prima met het vangen van golven en vriendjes maken met de andere kampeerders.


Met moeite nemen we na een dag of 5 afscheid van dit mooie plekje wat trouwens een ideale plek is om je huwelijksreis door te brengen. We gaan richting Vilanculos waar we inkopen moeten doen op de markt. Als ik uit de auto stap wordt ik meteen overvallen door allerlei mannetjes die me wel willen helpen, maar ik heb geen hulp nodig, shoppen kan ik heel goed alleen. Toch blijven die mannetjes om me heen hangen als bijen aan en fles honing en leidden me op allerlei manier af. In de tussentijd probeert er 1 mannetje in 10 minuten tijd 2x mijn geld te stelen. Ze pakken het slim aan, maar niet slim genoeg, maar omdat boos worden en de pet van zijn kop slaan geen zin heeft zorg ik maar dat ik snel weer bij Molly ben om dit lugubere marktje te verlaten. Dit is de 3e keer in Afrika dat ik bijna berooft ben! Moet niet gekker worden……


In Vilanculos gaan we afscheid nemen van Hein en Bernadette met wie we een gezellige tijd hebben gehad en waarmee we bijzondere activiteiten hebben ondernomen. Onze tocht gaat nu verder richting Malawi. We zouden graag meer van Mozambique willen zien maar helaas is Mozambique geen goedkoop land wat betreft eten, diesel en kamperen. Daarom hebben we uiteindelijk besloten om het noorden van Mozambique te skippen en koers te zetten richting Malawi waar we over een aantal dagen zullen arriveren.  

Maar morgen gaan we eerst nog varen met een Dauw een boot uit Mozambique met een groot lappenzeil. We gaan naar de eilanden van Bazarout waar we zullen gaan snorkelen. Zelfs Obi gaat mee op de boot, later meer.......




14-08-2008 :: Paradijs
Aantal kilometers gereden: bijna 50.000

Aantal dagen onderweg: 1 jaar 1 maand en 3 weken

Aantal Afrikaanse landen bezocht: 21

We bevinden ons nu in:  Inhambane, Mozambique


Uw auto weegt meer dan 3,5 ton, zegt de douanebeambte bij de grens van Mozambique. Dat betekent dat u roadtax moet betalen 100 US dollar welteverstaan. Na al 50 US dollar af te hebben moeten rekenen voor onze beide visums moeten we wel even slikken. Dit wordt weer een duur grensovergangetje. Ik loop met deze beste man naar zijn kantoortje en zet mijn liefste meisjesgezicht op om te proberen of er wat te regelen valt met oom agent. Na 20 minuten onderhandelen hebben we de prijs meer dan de helft naar beneden gekregen, maar dan krijgen we geen officieel bonnetje (met andere woorden dit geld verdwijnt in de broekzak van oom agent). Corruptie heet dat, dit is de eerste keer dat we de corruptie ‘voeden’ in Afrika en we zijn er niet trots op, maar wel blij dat het deze keer in ons voordeel heeft uitgepakt.


Mozambique grenst wel degelijk aan Zuid Afrika en Swaziland, maar zodra je de grens over bent lijken deze 2 landen ver weg en rijdt je een compleet andere wereld binnen. We zien veel vuilnis langs de weg, de bekende plastic zakjes wapperen weer in de bomen. Rondom de hoofdstad zijn grote vuilnisbelten waar men bovenop zit of zelfs hun kraampje op heeft gevestigd. Langs de weg zijn vele marktjes waar vrouwen op de grond in het stof hun waar zitten te verkopen, een hoopje tomaten, een hoopje uien en een paprika. Op de weg rijden bussen die half door hun assen zijn gezakt vanwege het grote aantal mensen wat in de bus zit en het grote aantal kilo’s bagage wat bovenop de bus is vastgesnoerd waarlangs de levende vastgebonden geiten staan te mekkeren. Verkeersregels bestaan niet of worden niet nageleefd en als het even uitkomt (of juist wanneer het helemaal niet uitkomt) wordt er van een tweebaansweg net zo makkelijk een vierbaansweg gemaakt.

Bordjes die de weg wijzen zijn er niet, zijn omgevallen of niet langer leesbaar. Zodra we van de hoofdweg af gaan rijden we door diepe zandpaden langs de zee of hobbelen we over wegen met diepe gaten. We kunnen niet meer communiceren met de mensen want de 1e taal is hier Portugees, aangezien Mozambique lange tijd een kolonie van Portugal is geweest, wat nog duidelijk te zien is in de stijl van de huizen. Huizen en bedrijven staan er vervallen bij vanwege de lange oorlog die in Mozambique geheerst heeft. Lemen hutjes met rieten daken overheersen de rest van het straatbeeld. We ‘praten’ weer met gebaren en tekenen bedragen op de markt in het zand. Dit alles brengt niets anders dan een glimlach op ons gezicht, want nu pas realiseren we ons dat dit het Afrika is waar we heimwee naar hadden.


Zonder lokale valuta kun je niets in een land en aangezien de mannetjes aan de grens me een ontzettend slechte wisselkoers gaven besluiten we samen met Hein en Bernadette in Xai Xai een pinautomaat op te zoeken. Zou snel moeten gaan zo’n flappentap, want daar zijn ze immers voor ontwikkeld. Het wordt echter een ander verhaal als er een rij van 20 Mozambikanen staat waarvan meer dan de helft niet weet hoe zo’n flappentap werkt. Na meer dan een uur in de rij zijn we dan toch bijna aan de beurt, maar natuurlijk houdt de flappentap er vlak voordat wij aan de beurt zijn mee op. De bewaker zegt zoiets van: Tsja, het systeem hè…..Daar kunnen we weinig mee.

Aangezien de rest van de rij zich nergens over opwindt besluiten we eerst maar eens te wachten wat er nu gaat gebeuren. Een kwartier later is aan dit gehele tafereeltje nog steeds niets veranderd. Langzaamaan komt ons Nederlands ongeduld toch weer echt boven en we besluiten actie te ondernemen. We gaan de bank in en leggen het probleem voor, nog steeds maakt niemand zich ergens druk om. Uiteindelijk (lees na ruim 3 kwartier) wordt er dan toch maar een mannetje geroepen om eens naar de flappentap te kijken. Binnen no time is ie gefixt. Dan kunnen we na zo’n 2,5 uur eindelijk eens wat Metical uit de pinautomaat trekken. Geduld dat heb je hier echt nodig.


Gelukkig stelt Mozambique ons niet teleur. Hoe noordelijker we rijden hoe mooier het landschap wordt. We rijden tientallen kilometers door palmbomenbossen, de zee krijgt een azuurblauwe kleur en wordt warmer, aangezien we nu in de Indische oceaan kunnen zwemmen. Ook de temperaturen gaan omhoog en na het kille Zuid Afrika is dit een verademing. In de zee bij Zavora gaan we dan ook uitgebreid zwemmen, nadat we eerst bij de vissersmannen die net van zee af komen verse vis hebben gekocht. Na een lekkere poedelpartij in de warme oceaan laten we onszelf opdrogen op het strand.

We worden daarbij getrakteerd op een walvisshow. Net voor de kust zwemmen zeker een stuk of 6 walvissen die toe zijn aan een ‘badderbeurt’. De walvissen springen boven de zee uit en krijgen het voor elkaar om hun enorme massieve lichaam daarbij compleet uit het water te laten geraken. Walvissen doen dit omdat de losse velletjes die op hun huid kriebelen, los te weken zodat ze geen jeuk meer hebben. Wij hadden het geluk dat er net heel veel walvissen jeuk hadden deze ochtend en zagen zeker 50 sprongen. Jullie begrijpen, tot nu toe maakt Mozambique een diepe indruk op ons.

PS De verspringende foto’s bovenaan de blog heeft Peter Klaassen voor ons aangepast. (Bedankt daarvoor Peter :-)

PS PS Van Hein en Bernadette leende ik het boekje ‘Witte geef geld’ van Marcia Luyten. Zij schrijft erg leuk over het gedrag en de cultuur van de Afrikanen. Ze bekijkt haar eigen vooroordelen kritisch, trekt haar eigen gevoelens en mening over Afrika in twijfel en vergelijkt de westerse denkwijze met die van de Afrikaanse. Het boekje was voor ons ontzettend herkenbaar, alsof we het zelf geschreven zouden kunnen hebben. Een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in Afrika of van plan is om in Afrika te gaan reizen.